Pas recent raakte bekend dat Minister Zuhal Demir (N-VA) in  mei 2024 een ministerieel besluit nam waarbij de huidige eigenaar van het Canivet stort werd vrijgesteld van de verplichting om een beschrijvend bodemonderzoek en bodemsanering rond PFAS te voeren.  De huidige eigenaar is de NV Molenveld2, verbonden met de bedrijvengroep van Eddy Roelants uit Lubbeek. Roelants heeft verschillende bedrijven die actief zijn als zandgroeve, verwerken van bouwafval, containerverhuur, grondwerken, betoncentrale, enz. . Het Canivetstort veroorzaakt kilometers verderop, in de waterwinning aan de Abdij van het Park in Leuven, een PFAS-vervuiling van de waterwinning. De regio Oud Heverlee-Leuven scoort inmiddels nationale records in PFAS-vervuiling van het grondwater.

Het Canivetstort, in de oksel van de oprit van de E40 richting Luik in Haasrode is een bron van PFAS vervuiling van het grondwater tot aan de Abdij van ’t Park in Heverlee

OVAM verplicht een bodemonderzoek

Eerder had OVAM in 2023 De NV Molenveld van Roelants verplicht om een beschrijvend bodemonderzoek uit te voeren na de eerdere vaststellingen van historische bodemverontreiniging met PFAS en pesticiden. Dat gebeurde nadat in 2022 een oriënterend bodemonderzoek aantoonde dat het grondwater in de omgeving verontreinigd is met PFAS  en pesticiden. Er was ook al verontreiniging met zware metalen arseen, kwik, nikkel, zink, vinylchloride, trichloormetaan, solventen, nitraat, ammonium,Kjeldahl stikstof, dichlooretheen, en pesticiden vastgesteld.

OVAM weigert vraag tot vrijstelling

De eigenaar van het stort had in 2023 gevraagd om vrijgesteld te worden van het verplicht bodemonderzoek rond PFAS en pesticiden. OVAM had op 31 maart 2023 beslist om geen vrijstelling te geven. Vrijstelling kan als een eigenaar de bodemverontreiniging niet zelf heeft veroorzaakt, de vervuiling tot stand is gekomen voor het tijdstip waarop hij eigenaar werd van de grond,  en zo staat het letterlijk in het decreet : “hij was niet op de hoogte en behoorde op de hoogte te zijn van bodemverontreiniging op het ogenblik dat hij eigenaar van de grond werd”.

OVAM was van oordeel dat NV Molenveld op de hoogte was van de bodemverontreiniging toen hij de grond van het voormalig Canivet stort kocht in 1995. “Een eigenaar wordt geacht de verontreiniging te kennen als aangenomen kan worden dat een zorgvuldige eigenaar het nodige zou gedaan hebben om zich op de hoogte te stellen betreffende de verontreiniging”. De notariële akte waarin Canivet het stort-terrein verkocht aan Molenveld bevat een passage dat er vroeger een stort was, dat de aanvullingswerken werden uitgevoerd en “beëindigd naar voldoening van de overheid die de bezichtiging deed” en de waarborg terug stortte . En Canivet zorgde voor een bepaling dat er “door de verkopers geen enkele garantie gegeven kon worden omtrent de gebreken van de grond of ondergrond van welke aard ook hetgeen de kopers verklaren te erkennen en uitdrukkelijk aanvaarden”.

De koper Molenveld had als doelstelling in zijn statuten alle mogelijke bewerkingen in onroerende goederen, (…) alle ondernemingen van grondwerken,(..) slopings en rioleringswerken, (..) en al wat waarmede rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt. Deze opsomming is niet beperkend en moet verstaan worden in de uitgebreidste zin”. Dat leek OVAM te bevestigen dat verwacht kan worden dat Molenveld een grondige kennis heeft van de waardebepaling van vastgoed, en dat een gewezen afvalstort een minwaarde betekende voor de grond.  OVAM verwees ook naar de interpretatie van de Raad van State “indien een eigenaar wist of behoorde te weten dat de betrokken grond in het verleden gebruikt werd voor risico-activiteiten, geldt dergelijke kennis als voldoende indicatie voor mogelijke bodemverontreiniging”. De kennisvereiste veronderstelt niet dat betrokken op de hoogte is van alle aspecten van bodemverontreiniging of van de mogelijke ernst ervan”

De beslissing van OVAM leek daarmee ijzersterk: een vennootschap actief in een groep bedrijven doende met  groeven, bouwafval, recyclage, grondwerken koopt een voormalig berucht stortterrein in een naburige gemeente. En zou dan vrijstelling vragen omdat ze niet op de hoogte zijn van eventuele bodemverontreiniging. Kom nou.

Roelants gaat in beroep bij Zuhal Demir

De NV Molenveld 2, het bedrijf van beheerder Eddy Roelants, gaat in beroep. Zijn advokaat voert aan: “Beroepsindiener kon ten tijde van de verwerving uit niets afleiden dat er nog sprake zou zijn van enige historische bodemvervuiling. Zelf gebruikte beroepsindiener de percelen jarenlang als schapenweide” (sic).

Wellicht barst nu heel Haasrode uit in een luidkeels hoongelach. We schreven hier eerder al over de drie archiefdozen op de gemeente die de incidenten op deze stortplaats beschrijven, krantenknipsels incluis:  “Naast het storten van de 6000 kubieke meter licht radioactief afval, ook illegale storten van bleekaarde, niet toegelaten afval, problemen met grondwater en rioolwater, rattenplagen, stankhinder, stinkende smurrie van AB Inbev, politie vaststellingen over naburige landbouwgewassen die plots afstierven, een oude vraag van Ovam  aan de toenmalige burgemeester om het stort te sluiten en de zegels te leggen na een overtreding,  beroepsprocedures rond vergunningen, een oude unanieme resolutie van de gemeenteraad van Leuven  om dit stort aan te pakken , etc etc. 

De advokaat stelt dat uit de notariële  akte enkel blijkt dat er een stortplaats was voor niet-gevaarlijk afval. “Nergens was sprake van nog bestaande bodemverontreiniging” . En verder bouwt de advokaat een heel betoog dat de kennis over de gevaren  van PFAS toen nog niet bekend was. De gronden werden gekocht aan een prijs van 6 miljoen belgische frank. “Anno 1995 was dit voor percelen die niet bebouwd konden worden bijzonder veel geld”. En nog : “de beroepsindiener beschikte niet over de voorkennis zoals men deze de dag van vandaag zou hebben, bij gebreke aan een publiek bewustzijn omtrent milieuproblemen”.

Minister Zuhal Demir geeft Roelants gelijk

Op 27 mei 2024, het raakte nu pas bekend, vernietigde minister Demir de beslissing van OVAM. Ze was van oordeel dat Roelants op de hoogte was dat het een voormalige stortplaats was.  

Ook stelt Demir vast dat de NV Molenveld 2 de grond verwierf “op 18 september 1995 en heeft zelf geen stortactiviteiten uitgeoefend op de grond. Hierover bestaat geen discussie” (sic).  Heel Haasrode verslikt zich in zijn koffie. Molenveld heeft in 2003 een vergunning gekregen , zonder einddatum, voor “het verdikken van de afdeklaag”.  De aan en afrijdende camions en bulldozers op het stort zijn dus al 22 jaar doende met het aanbrengen van een afdeklaag.

Volgens Minister Demir is er geen discussie dat de eigenaar van het Canivetstort sinds 1995 geen stortactiviteiten uitvoert op dit stort.

Maar Zuhal Demir volgt niet zoals OVAM de interpretatie van de Raad van State: “De kennisvereiste  (..) heeft slechts betrekking op het louter bestaan van bodemverontreiniging, ofwel de aanwezigheid van stoffen en organismen veroorzaakte door menselijke activiteiten  (…) die de kwaliteit van de bodem op rechtstreekse of onrechtstreekse wijze nadelig beïnvloeden of kunnen beïnvloeden”.  Of zoals OVAM stelt: “De kennisvereiste veronderstelt  daarentegen niet dat de betrokkene bij de eigendomsverwerving gedetailleerd op de hoogte is van alle aspecten van de bodemverontreiniging of van de mogelijke ernst daarvan”.

Zuhal Demir volgt die interpretatie van de wetgeving niet. Ze  volgt de redenering van de advocaat van Roelants dat er toen nog geen specifieke kennis was van PFAS, dat PFAS toen ook niet werd onderzocht in 2001. En dat pas in 2022 de grondwatervervuiling met PFAS aan het licht kwam. In 2001 was PFAS nog geen verdachte en dus te onderzoeken parameter. “Uit het administratief dossier blijkt niet dat er op het moment van verwerving van de grond indicaties waren voor een mogelijke bodemverontreiniging met PFAS” .

En zo stelt Zuhal Demir: “Derhalve kan bezwaarlijk worden gesteld dat de beroeper op de hoogte was of op de hoogte behoorde te zijn van de bodemverontreiniging met PFAS in het grondwater(…) op het ogenblik van de verwerving van de grond op 18 september 1995. Hetzelfde geldt voor de historische verontreiniging met pesticiden (…) (sic)

En dus vindt Zuhal Demir dat de NV Molenveld 2  beantwoordt aan de derde voorwaarde“ hij was niet op de hoogte en behoorde niet op de hoogte te zijn van bodemverontreiniging op het ogenblik dat hij eigenaar van de grond werd”.

Op grond waarvan ze bij ministerieel besluit de beslissing van OVAM schrapt, en de NV Molenveld 2 niet moet overgaan tot een beschrijvend bodemonderzoek en de eventuele bodemsanering

Bram Vermeulen, Politiek.

Als ik niet praat,
heb ik het niet gezegd.
Heb ik het niet gezegd,
wist ik er niets van.
Kunnen ze mij niets maken,
dus ik praat niet.

Politiek.
Politiek.
Ik kijk niet, dus ik zie niets.
Politiek.
Politiek.
Ik praat niet, dus ik zeg niets.

Als ik niet luister,
hoor ik het niet.
Hoor ik het niet,
wist ik er niets van.
Kunnen ze mij niets maken,
dus ik luister niet.

Als ik niet lees,
weet ik het niet.
Weet ik het niet,
wist ik er niets van.
Kunnen ze mij niets maken,
dus ik lees niets.

Politiek.
Politiek.
Ik luister niet, ik hoor niets.
Politiek.
Politiek.
Ik praat niet, dus ik zeg niets.
Ik kijk niet, dus ik zie niets.
Ik luister niet, ik hoor niets.
Ik lees niet, dus ik weet niets.