Meerdaalwoud is, op het ZoniŽnwoud na, het grootste bosgebied in Vlaanderen. Gelukkig is het niet zo versnipperd en doorsneden door wegen. Hier heerst nog een relatieve rust

Mollendaalinsneeuw98.jpg (11683 bytes)

 

Meerdaalwoud

 

Bewoond in voorhistorische tijden

   Vondsten in het Meerdaalwoud duiden erop dat in voorhistorische tijden het bos reeds bewoond was. Bewerkte silexstenen werden voornamelijk in de omheiningen Tomberg, Warande en Schutselberg gevonden en duiden op een menselijke aanwezigheid in het neolithicum. Een versterkte plaats met 12 graftomben dagtekent uit het ijzertijdperk. Uit het belgo-romeinse tijdperk heeft men er nog overblijfselen van woonplaatsen, graven en tumuli gevonden.

Verder is de geschiedenis van Meerdaalwoud vrij gelijklopend met Heverleebos. (zie Zoet Water wandeling) Het Meerdaalbos is echter vanuit natuurwetenschappelijk standpunt meer waardevol. Het is ook een stuk groter: 1320 ha bos waarvan 1/3 naaldhout. De natuurliefhebber zal waarschijnlijk vooral aangetrokken worden door de prachtige eikenbossen. Zomereik, beuk, es, esdoorn, abeel, berk, boskers en lork vormen de bovenetage. De onderetage is in hoofdzaak hazelaar maar ook sporkehout, linde, kastanje, esdoorn, haagbeuk, hulst, mispel, wilde appel en lijsterbes.

Het bosdecreet van 1990, dat het oude boswetboek van 1850 vervangt, ziet niet langer het bos louter als houtproducent, maar heeft oog voor alle functies van het bos. Vandaar de opsplitsing en afsluiting van sommige delen.

 Meer info:  Vrienden van Heverleebos en Meerdaalwoud